Deze witte autochtone Italiaanse druif is één van de lokale sterren uit Campanië, de regio met haar bekende
drukke hoofdstad Napels, in het zuiden van Italië. Volgens sommigen zou ze van Griekse herkomst zijn. Hoewel
het ras op zich al heel oud is, is het slechts onder deze naam gekend sinds de 19e eeuw. Een ‘falangha’
(waar de naam van is afgeleid) is een soort houten stok die gebruikt wordt om een wijnstok te ondersteunen.
KENMERKEN
Meest voorkomende wijnstreek:
Campania
Kleur van de schil:
grijsgeel
Karakteristieken:
een van de oudste Romeinse druivenvariëteiten, basis van de antieke falerno; waarschijnlijk van Griekse afkomst (phalanga); middelgrote trossen; levert in het zuiden van Italië opvallend
frisse en levendige wijnen; gedijt het best op de heuvelruggen rond Napels (Flegrea) en de omliggende eilanden; er bestaan twee duidelijk verschillende biotypes van de falanghina, de
mascolino en de verace, deze laatste is de meest aangeplante
Vinificatiemogelijkheden:
meestal op inox om zijn verfrissend karakter te behouden; ook geschikt voor schuimwijnen
Wijnstijlen:
fris wit
Bewaarkracht:
5 jaar
Te drinken bij:
lenteslaatjes met rauw gemarineerde witte vis; kwarktaart met frisse kruiden; gestoomde sint-jakobsvruchten met citrussaus; asperges met gesmoorde ham
Bekendste herkomstbenamingen:
Capri Bianco, Taburo Falanghina, Falerno del Massimo, Sant’Agata de’ Goti
Het is een laatrijp ras dat zonnige en goede zuidelijk georiënteerde hellingen nodig heeft om te schitteren.
Bij overmatige productie brengt ze helaas niets beters voort dan eenvoudige neutrale slobberwijnen. Maar wanneer
de druif in topvorm is, brengt ze wijnen voort met zeer goede concentratie en uitgebalanceerde smaak met een
stevige zuurtegraad die het mogelijk maakt om enige veroudering goed te weerstaan.
Het is echt een interessante druif die een grotere nationale en internationale aandacht verdient. Falanghina
wordt geproduceerd in de DOC’s Taburno en in Sant’agata dei Goti waar ze er ook een passito-wijn (zoete wijn
van gedroogde druiven) van maken. In de DOC’s Campi Flegreio, Solopaca en Guardiolo maken ze er zowel stille
wijnen van als schuimwijnen. Daarnaast is het ook nog een belangrijk ras in o.a. de volgende blends:
Falerno del Massico Bianco, Taburno Bianco, Capri Bianco, Costa d’Amalfi Bianco...
Hoewel ze ook voorkomt in de noordoostelijke streek rond Benevento, loopt het belangrijkste herkomstgebied van de
Falanghina eigenlijk hoofdzakelijk langs de kustlijn van Campanië: van de Falerno del Massico DOC zone in het
noorden, over Napels in het midden van de kust tot en met de heuvelachtige Costa amalfitana (de Amalfitaanse kust).
Wie met de nodige aandacht proeft, zal zeker het delicate bloesemparfum (citrusbloesems) en peeraroma van de
Falanghina weten te appreciëren. Omwille van haar heel fijne delicate aroma’s is dit druiveras dan ook geen
voorstander van eiklagering. Enkele maanden schilweking in roestvrijstalen vaten daartegen brengt dan weer
wel haar ware aard als frisse fruitige aperitiefwijn naar boven.
In tegenstelling tot de andere lokale variëteiten Greco en Fiano wordt Falanghina meestal niet solo gevinifieerd
maar geblend met andere rassen. Op de flanken van de Vesuvius bijvoorbeeld gebeurt de blend vaak met Coda di volpe
en Greco, en in de DOC Costa d’Amalfi vaak met Biancolella en/of Greco.
Het is een rasechte lokale druif en past dan ook schitterend bij allicht het bekendste voorgerecht uit die streek:
insalata caprese ofwel mozzarella met tomaat en basilicum. Drink daar de prachtige Falanghina-wijnen bij van
bijvoorbeeld de domeinen Feudi di San Gregorio of Borgo di Colloredo en u waant zich zo in het zonovergoten
Napolitaanse hinterland!